Alicante is veel meer dan een bekende zonnige badplaats aan de Costa Blanca. Natuurlijk zijn de stranden heerlijk en schijnt de zon bijna altijd, maar wie iets verder kijkt, ontdekt een stad vol charme, geschiedenis en verrassingen.
Achter de boulevard met palmbomen ligt een levendige stad vol bezienswaardigheden, fotogenieke wijken en leuke activiteiten. Je kunt er een kasteel beklimmen met uitzicht over zee, verdwalen in een wirwar van witte straatjes, moderne kunst bekijken in een oud herenhuis of lokale delicatessen proeven op de overdekte markt.
Alicante heeft een kleurrijke oude wijk, een sprookjesachtige straat vol reuzenpaddenstoelen, een Romeins verleden en zelfs een eiland vol verhalen voor de kust. In deze blog neem ik je mee langs de mooiste bezienswaardigheden van Alicante. Van klassiekers tot verborgen parels, van strand tot stad en van uitzichtpunten tot ondergrondse musea.



Waar ligt Alicante in Spanje?
Alicante ligt in het zuidoosten van Spanje, pal aan de Middellandse Zee, en hoort bij de regio Valencia, ofwel de Comunidad Valenciana. De stad ligt aan de Costa Blanca, een van de bekendste kuststroken van Spanje, en bevindt zich grofweg tussen Valencia in het noorden en Murcia in het zuiden. Die ligging maakt Alicante niet alleen zonzeker, maar ook perfect als uitvalsbasis voor het verkennen van de omgeving.
Vliegen doe je op Alicante-Elche Airport, een moderne en goed bereikbare luchthaven op zo’n tien kilometer van het stadscentrum. Vanaf hier rijd je in een kwartier naar het hart van de stad. Er zijn rechtstreekse vluchten vanuit Nederland en België, vaak meerdere keren per dag.
In de buurt liggen bekende plaatsen als Benidorm, met zijn hoogbouw en stranden, en het charmante Altea met witgekalkte huisjes en uitzicht op zee. Ook Elche, beroemd om zijn palmboomwouden, ligt om de hoek. Wie wat verder wil rijden, is in minder dan twee uur in Valencia of Cartagena.



Waar Alicante bekend om staat
Alicante is zo’n stad waar alles samenkomt. Zonovergoten stranden, een levendig stadscentrum, een kasteel op een bergtop, een eiland voor de kust en een flinke dosis geschiedenis die op elke straathoek voelbaar is. Het is een plek waar je ’s ochtends een museum induikt, ’s middags met je voeten in het zand ligt en ’s avonds tapas eet op een sfeervol plein. Alles ligt dicht bij elkaar, zonder dat je er veel moeite voor hoeft te doen. Dat klinkt toch als een van de leukste stedentripbestemmingen in Spanje?
De heerlijke stadsstranden zijn misschien wel het bekendst. Playa del Postiguet ligt direct tegen de stad aan. Je loopt er vanaf de Explanada zo naartoe. Iets verderop ligt Playa de San Juan, ruimer opgezet, rustiger en met een lange boulevard vol ijssalons, cafés en palmbomen. Het klimaat is zacht en zonnig, het hele jaar door. Dat maakt Alicante aantrekkelijk in elk seizoen.
Maar de stad draait niet alleen om zee en strand. Alicante bruist. De Explanada de España is de plek waar iedereen op en neer wandelt. In de haven dobberen vissersbootjes naast catamarans. In de Mercado Central ruikt het naar jamón, kruiden, vis en vers brood. En wie de oude wijk Santa Cruz inloopt, dwaalt vanzelf langs trappen, bloempotten en kleine kapelletjes tot aan een uitzichtpunt over de stad. Het is er allemaal even fotogeniek, gezellig en sfeervol!
De geschiedenis is nooit ver weg. Hoog boven alles torent het Castillo de Santa Bárbara uit. Ooit gebouwd als verdedigingswerk, nu een uitzichtpunt waar je bijna de hele kustlijn kunt overzien. Ook in kerken, straatnamen en oude stadspoorten voel je hoe oud de stad is en welke volkeren hier allemaal zijn geweest.
Er zit bovendien een vleug Noord-Afrika in Alicante. In de vormen van gebouwen, in sommige gebruiken en in de verhalen over piraten en vestingwerken. Het maakt de stad anders dan veel andere plekken aan de Spaanse kust. Niet alleen mediterraan, maar ook werelds.
En alsof dat nog niet genoeg is voor een citytrip, staat Alicante ook bekend om haar uitstekende keuken. Verse vis, stevige rijstgerechten, koude horchata, warme churros en kleine borden vol tapas. Simpel, lokaal en altijd met smaak.



Overnachten in Alicante
Alicante is compact en overzichtelijk, maar toch zijn er flinke verschillen tussen de wijken waar je kunt overnachten. Of je nu wakker wilt worden met uitzicht op zee, midden in de gezelligheid wilt zitten of juist iets rustigers zoekt net buiten de drukte, het bepaalt net de sfeer en toon van je citytrip.
Het oude stadsdeel Santa Cruz is zonder twijfel de meest charmante plek om te slapen. Denk aan smalle straatjes, witte huisjes met bloempotten, trappetjes die omhoog kronkelen en uitzichten over de stad en de zee. Je zit hier midden in het oude Alicante, op loopafstand van alles, maar het voelt bijna dorps aan. Niet ideaal als je slecht ter been bent, wél als je van karakter en sfeer houdt.
#1 Hotel Smile & Co Hostal Boutique voelt als thuiskomen in het hart van de stad. De sfeer is persoonlijk en warm, met kleurrijke kamers en een klein terras waar je ’s ochtends rustig kunt ontbijten.
#2 Hotel La Milagrosa ligt midden in de oude stad, op een paar minuten van het strand. De kamers zijn eenvoudig, maar het dakterras met uitzicht op het kasteel maakt dat helemaal goed.
#3 Hospes Amérigo ademt luxe en historie in een voormalig klooster vlak bij de kathedraal. Je geniet hier van een spa, rooftop zwembad, elegante kamers en een restaurant met verfijnde mediterrane keuken.
Wil je centraal zitten zonder steile straatjes, kies dan voor een hotel rond de Explanada de España of bij Mercado Central. Je loopt zo naar het strand, de haven, restaurants en winkels. Alles ligt binnen handbereik en het is ’s avonds levendig zonder echt druk te zijn.
#4 Eurostars Pórtico Alicante combineert strak design met een toplocatie aan een van de gezelligste pleinen van de stad. Je slaapt hier in stijlvolle kamers en kijkt vanaf het dakterras uit op het kasteel.
#5 Casa Alberola Alicante (Curio Collection by Hilton) straalt klassieke elegantie uit in een prachtig pand aan de boulevard. Dit adults-only hotel heeft stijlvolle kamers, sommige met zeezicht, en een intieme sfeer.
#6 Pensión Plaza América verrast met een eenvoudige maar nette plek op loopafstand van het centrum. Ideaal voor wie vooral een betaalbare, schone kamer zoekt met airco en een prima ligging.
Voor wie graag aan zee slaapt, is Playa del Postiguet een fijne optie. Je zit nog steeds vlak bij het centrum, maar dan met je voeten bijna in het zand. Iets verderop ligt Playa de San Juan, een geliefde plek voor wie rust, ruimte en een lang zandstrand zoekt. Hier vind je veel appartementen en hotels met zwembad, ideaal voor gezinnen of een ontspannen strandvakantie.
#7 Meliá Alicante ligt precies tussen het strand en de jachthaven in. Gasten waarderen de ruime kamers met balkon, het grote zwembad en het uitgebreide ontbijtbuffet met uitzicht op zee.
#8 INNSiDE by Meliá Alicante Porta Maris trakteert je op zeezicht vanuit bijna elke kamer. Het hotel ligt direct aan het strand, heeft een spa en een modern, licht interieur dat helemaal past bij de kustsfeer.
#9 AC Hotel by Marriott Alicante heeft een strak, stijlvol interieur en een fijne ligging net buiten het drukke centrum. Het rooftop zwembad, de spa en het restaurant maken het extra comfortabel.
#10 NH Alicante biedt rust en comfort iets buiten het centrum, met een modern interieur en een ontspannen sfeer. Op het dakterras vind je een klein zwembad en uitzicht over de stad.
#11 Aparthotel Apartamentos de la Huerta biedt moderne appartementen in een rustige wijk net buiten het centrum. Je zit dicht bij het strand van Albufereta en hebt alle vrijheid met een eigen keuken en balkon of terras.



De 15 beste bezienswaardigheden in Alicante
#1 Castillo de Santa Bárbara
Op de top van de Benacantil, de opvallende berg die als een reus naast de stad ligt, troont het Castillo de Santa Bárbara. Vanaf het hoogste punt kijk je uit over de daken van Alicante, de haven vol zeilboten en het heldere blauw van de Middellandse Zee. De geschiedenis van deze plek begint in de negende eeuw, toen het gebied onder islamitisch bewind viel. Wat er nu staat, kreeg vooral vorm in de zestiende eeuw, toen Filips II van Spanje besloot dat dit fort wel wat indrukwekkender mocht.
Het kasteel bestaat uit drie niveaus. Het bovenste deel is het oudste en huisvest wachttorens, een oude gevangenis, een waterput en uitzichtpunten die ooit strategisch bedoeld waren maar nu vooral dienstdoen als selfie-spots. Hier heb je echt het mooiste uitzicht over de stad en de kustlijn.
Je komt er via een wandelpad dat begint in het oude centrum, of je neemt de lift die verstopt zit in een tunnel vlakbij het strand. Binnen de muren vind je een klein museum, open ruimtes voor tijdelijke tentoonstellingen en regelmatig ook concerten of andere evenementen. Alles gratis toegankelijk; voor de lift betaal je wel een paar euro.

#2 Explanada de España
De Explanada de España is misschien wel de bekendste promenade van de hele Costa Blanca. De mozaïektegels in rood, zwart en wit vormen golven die doen denken aan de zee. In totaal liggen hier meer dan zes miljoen steentjes in een patroon dat doorloopt tot aan de haven. Aan weerszijden van het pad staan hoge palmbomen die het geheel iets tropisch geven, en op warme dagen zorgen voor welkome schaduw.
De Explanada is eind negentiende eeuw aangelegd en inmiddels uitgegroeid tot het kloppend hart van Alicante. Je vindt er straattheater, kraampjes met handgemaakte sieraden en straatmuzikanten die onder de palmen hun publiek vermaken. De Explanada verbindt het stadsstrand met het oude centrum en is onvermijdelijk voor wie Alicante al wandelend ontdekt.
Bijzonder is ook het Casa Carbonell, een statig pand dat werd gebouwd door een rijke textielhandelaar uit Alcoy. De legende wil dat hij in het nabijgelegen hotel geen kamer kreeg omdat hij te stoffig zou zijn aangekomen, en dus besloot hij zijn eigen paleisachtige verblijf aan de boulevard te laten optrekken. Vandaag de dag is het een van de meest gefotografeerde gebouwen van de stad.

#3 De mooiste stranden van Alicante
Wie strand wil, zit in Alicante goed. Het bekendste strand ligt pal naast het centrum: Playa del Postiguet. Je wandelt er vanuit de oude stad zo naartoe. Fijn zand, helder water en uitzicht op het imposante Castillo de Santa Bárbara maken dit tot een populair plekje voor een snelle duik of een ontspannen wandeling. Strandtenten, ligstoelen, palmbomen en een brede boulevard zorgen voor de nodige sfeer. Vooral in de vroege ochtend en aan het eind van de middag is het hier heerlijk rustig.
Wil je iets meer ruimte en rust, dan is Playa de San Juan een betere keuze. Dit brede strand ligt iets buiten de stad en is gemakkelijk bereikbaar met de tram. De boulevard erlangs is moderner, met ijssalons, cafés en restaurants waar je zonder moeite de hele dag kunt doorbrengen. Het strand zelf is ruim drie kilometer lang en biedt alles wat je van een klassiek mediterraan strand mag verwachten.
Beide stranden dragen het Blauwe Vlag-keurmerk, een teken dat ze voldoen aan hoge standaarden voor hygiëne, veiligheid en waterkwaliteit. Playa del Postiguet is ideaal voor een snelle strandpauze tijdens je citytrip. Voor een echte stranddag ga je naar San Juan, met je voeten in het zand en de hele dag de zee voor je neus.

#4 Basílica de Santa María
In een van de stilste straatjes van de oude stad verrijst de Basílica de Santa María. Niet groots in formaat, maar wel groots in uitstraling. De kerk werd gebouwd tussen de veertiende en zestiende eeuw, op de resten van een voormalige moskee. Wat je nu ziet, is een mengeling van gotiek en barok, met een indrukwekkende façade die je meteen naar binnen trekt. De twee torens zijn niet symmetrisch, wat een beetje vreemd oogt, maar dat is precies wat het gebouw zo karakteristiek maakt.
Binnen is het donker en koel, met hoog oprijzende gewelven, een prachtig barok altaar en een houten preekstoel vol krullen en bladgoud. Het orgel uit de achttiende eeuw is nog altijd in gebruik en tijdens concerten vult de ruimte zich met een diepe, warme klank. De toegang is betaald. Buiten op het plein vind je een paar terrassen en sinaasappelbomen, precies goed voor een koffie na je bezoek.


#5 El Barrio de Santa Cruz
Zodra je een van de steile straatjes van El Barrio de Santa Cruz inloopt, voelt het alsof je Alicante even verlaat. Deze wijk ligt tegen de helling van de Benacantil en bestaat uit een wirwar van trappen, stegen en witgekalkte huizen met blauwgeverfde kozijnen en bloempotten aan elke muur. Overal hangen vlaggetjes, handgeschilderde tegels en soms heiligenbeeldjes in kleine nisjes. Het is er sfeervol, vol karakter en haast dorps.
Santa Cruz is het oudste stukje stad. Veel huizen stammen uit de middeleeuwen en worden nog steeds bewoond. Tijdens Semana Santa komen hier de processies op gang, met kaarsen, trommels en beelden die door de smalle straatjes worden gedragen. Overdag is het er rustig en koel, ’s avonds komt het leven naar buiten en zitten bewoners op hun drempels of in de schaduw van de bomen. Loop vooral helemaal door naar boven, naar de kleine kapel die over de stad uitkijkt. Je wordt beloond met een uitzicht dat bijna te perfect is om echt te zijn: witte daken, een glimp van de haven en de zee die in de verte fonkelt.


#6 De (gratis) musea van Alicante
Alicante zit vol kleine musea die je makkelijk over het hoofd ziet, maar die verrassend goed in elkaar zitten. En het mooie is: veel ervan zijn zelfs gratis toegankelijk. Begin bij het MACA, het Museo de Arte Contemporáneo de Alicante. Hier vind je moderne kunst in een zeventiende-eeuws gebouw, met werk van Spaanse grootheden als Picasso, Miró en Dalí. De collectie is compact, maar sterk samengesteld, en het museum zelf is prachtig licht en ruim.
Een paar straten verder ligt het Museo de Hogueras, gewijd aan het bekendste feest van de stad: Las Hogueras de San Juan. Je ziet hier de gigantische poppen, traditionele kleding en uitleg over hoe het feest jaarlijks eindigt met vuur en as. Bij de haven ligt het Ocean Race Museum. Hier draait alles om de zwaarste zeilwedstrijd ter wereld. Je kunt in een racesimulator stappen, videobeelden bekijken en over een echte boot klauteren. Leuk voor kinderen, maar zeker ook voor volwassenen.
Ook het Museo de Aguas is een bezoek waard. Dit ondergrondse museum laat zien hoe Alicante eeuwenlang vocht om aan water te komen. Je ziet oude waterputten, kanaaltjes en indrukwekkende steengangen. Wie geïnteresseerd is in archeologie kan naar het MARQ. Dit museum pakt het anders aan dan je misschien gewend bent: met licht, geluid, film en interactieve displays. De toegang is betaald. En dan is er nog het MUBAG, het Museo de Bellas Artes Gravina. Minder bekend, maar hier hangen schilderijen uit de zestiende tot negentiende eeuw, in een fraai paleis dat op zichzelf al de moeite waard is.
#7 Catedral de San Nicolás
Wie de Catedral de San Nicolás voor het eerst ziet, moet misschien even goed kijken. De buitenkant is sober, bijna streng. Geen torenspits, geen uitbundige beelden of pilaren. Maar schijn bedriegt. Binnen opent zich een kathedraal die juist door zijn eenvoud indrukwekkend is. De kerk werd gebouwd in de zeventiende eeuw op de resten van een middeleeuws klooster en draagt de naam van de beschermheilige van de stad: Sint Nicolaas.
Zodra je binnenstapt, valt het licht je op. De hoge, strakke gewelven en de opvallend blauwe koepel boven het altaar zorgen voor een bijzondere, rustige sfeer. Rondom vind je kapellen met barokke altaren, beelden en schilderijen. Loop ook zeker even naar het kloosterhof, dat met zijn fonteintje, sinaasappelbomen en rustgevende stilte bijna als een geheime tuin aanvoelt. De kathedraal is vrij toegankelijk buiten de misuren. Het is geen spectaculaire bezienswaardigheid, maar juist mooi in z’n eenvoud.
#8 De haven van Alicante
De haven van Alicante is het soort plek waar je uren kunt ronddwalen zonder je te vervelen. De geur van zout, het geluid van klotsend water tegen de kade, het uitzicht op bootjes die zachtjes schommelen in de zon. Aan de ene kant liggen blinkende jachten en catamarans klaar voor excursies. Aan de andere kant dobberen vissersbootjes, vers terug van zee. De brede promenades zijn omzoomd met palmbomen, bankjes en terrassen, waar het van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat bruist.
Vlak naast het water ligt het gratis Ocean Race Museum, waar je alles leert over een van de zwaarste zeilraces ter wereld. Nog iets verderop staat het bronzen beeld van Icarus, midden op een pier, alsof hij elk moment kan opstijgen uit het water. En terwijl je langs de Paseo de Gómiz wandelt, zie je joggers, straatverkopers, kinderen op steppen en stelletjes met een ijsje. Ooit was dit de poort naar de wereld, nu is het een van de meest ontspannen plekken van de stad.

#9 Mercado Central
De Mercado Central is geen toeristische trekpleister die toevallig ook markt heet. Dit is een echte markt, waar locals hun inkopen doen, waar mensen elkaar groeten tussen de tomaten en waar de geur van verse vis zich vermengt met die van geroosterde amandelen. Het gebouw zelf stamt uit de vroege twintigste eeuw en is een prachtig voorbeeld van modernistische architectuur. De hoge hal, de gietijzeren details en de centrale koepel maken het al de moeite waard, nog voordat je iets gezien of geproefd hebt.
Binnen is het levendig en luid. Op de begane grond liggen de vleeswaren in keurige rijen te glanzen. Er zijn kramen met jamón ibérico, lamsvlees, worst en kazen in alle vormen. Iets verderop wordt de verse vis direct op ijs uitgestald. In de kelder vind je fruit, groenten, kruiden en bloemen. En wie trek krijgt van al dat moois, kan onderweg een tapa of vers sapje meenemen. De markt is doordeweeks in de ochtend geopend en tegen lunchtijd keert de rust terug.


#10 Casa Carbonell
Casa Carbonell is zo’n gebouw dat direct in het oog springt. Het staat pontificaal aan het begin van de Explanada de España, tegenover de haven, alsof het even wil laten zien wie hier de meeste klasse heeft. Gebouwd in de jaren twintig van de vorige eeuw op verzoek van textielfabrikant Enrique Carbonell, en met een verhaal dat bijdraagt aan de charme. Naar verluidt werd hij ooit geweigerd bij een hotel in Alicante omdat hij er na een stoffige reis niet representatief genoeg uitzag. Dus liet hij maar meteen zijn eigen paleisachtige gebouw neerzetten, nog mooier dan het hotel zelf.
De gevel oogt symmetrisch en imposant, met ronde torens op de hoeken, lichtgeel pleisterwerk en elegant versierde balkons. Binnen kun je helaas niet naar binnen – het gebouw is nu opgedeeld in appartementen – maar van buiten is het een feest om naar te kijken. Of je nu van architectuur houdt of gewoon mooie plekken zoekt voor een foto, dit pand is het waard om even bij stil te staan.

#11 Calle de las Setas (Calle San Francisco)
Wandelen door een straat vol metershoge paddenstoelen, felgekleurde slakken en kabouters klinkt misschien als iets uit een kinderboek, maar in Alicante is het gewoon een stukje stadscentrum. Calle San Francisco, beter bekend als de paddenstoelenstraat, werd een aantal jaar geleden volledig opnieuw ingericht en is sindsdien een bonte verrassing in het verder vrij klassieke centrum. De gigantische sculpturen maken de straat bijna sprookjesachtig, maar dan midden tussen de winkels, cafés en ijssalons.
De bedoeling was om het centrum kindvriendelijker te maken. Daarom is de straat verkeersvrij en ligt er een zachte, rubberen ondergrond waar kinderen veilig kunnen rennen. Maar ook volwassenen worden vrolijk van de kleuren, het verrassende straatmeubilair en de vrolijke sfeer. Sommige winkeliers hebben hun gevel aangepast aan de fantasiewereld om ze heen, waardoor het effect nog sterker is. Zeker als je Alicante net als wij met kinderen bezoekt is dit een must, maar ook zonder kinderen is dit een markante plek die je gewoon gezien moet hebben.

#12 Parque El Palmeral
Wie even weg wil van het stadscentrum en de drukte van de boulevard, moet naar Parque El Palmeral. Dit grote park ligt iets ten zuiden van Alicante, richting de luchthaven, en voelt als een kleine tropische wereld op zichzelf. Geen strak aangelegde tuin met rechte paden, maar een weelderige oase vol palmbomen, vijvers, watervalletjes en houten bruggetjes die je uitnodigen om op verkenning te gaan.
Verspreid over het terrein staan picknicktafels, bankjes en schaduwrijke plekken om je even terug te trekken met een boek of een broodje. Kinderen kunnen terecht in de speeltuin of op de verharde fietspaden. Er is een roeivijver waar je een klein bootje kunt huren en rustig kunt ronddobberen tussen het groen. Het park is groot genoeg om je even in een totaal andere omgeving te wanen, maar compact genoeg om in een uurtje of twee helemaal te verkennen. Juist omdat het niet midden in het toeristische centrum ligt, blijft het er aangenaam rustig.
#13 Castillo de San Fernando
Op de Monte Tossal, tegenover de berg waar het Castillo de Santa Bárbara staat, ligt nog een tweede kasteel: Castillo de San Fernando. Minder bekend, minder imposant en vooral veel rustiger. En toch is dit juist daardoor een van de meest verrassende plekken van Alicante. Het fort werd begin negentiende eeuw haastig gebouwd uit angst voor een Franse invasie tijdens de Napoleontische oorlogen. De vijand kwam nooit opdagen, de bouw werd nooit afgerond, en het kasteel raakte al snel in verval.
Wat er nu nog staat, zijn dikke muren, een ruige binnenplaats, bastions en een netwerk van paden en trappen. Geen poespas of toeristenmassa, wel een mooi uitzicht over de stad. Rondom het fort ligt een groot park met sportvelden, speeltuinen en wandelroutes, waar gezinnen uit de buurt komen picknicken of de hond uitlaten. Als je op zoek bent naar een rustig alternatief voor Santa Bárbara en het niet erg vindt dat het allemaal wat ruiger en ongepolijster is, dan is dit een heerlijke plek om rond te dwalen.
#14 Isla de Tabarca
Op zee, op zo’n vijftien kilometer van de kust van Alicante, ligt Isla de Tabarca. Een eilandje dat zo klein is dat je het in een uurtje rondwandelt, maar met een verhaal en sfeer die je lang bijblijven. Tabarca was ooit een schuilplaats voor piraten, tot koning Carlos III in de achttiende eeuw besloot dat het tijd was voor orde. Hij liet het eiland ommuren en er een klein dorp bouwen voor vissersfamilies uit Tunesië, die op hun beurt uit handen van piraten waren bevrijd. Die stadsmuur staat er nog steeds, net als de kerk, de haven en een handjevol zandkleurige huizen die samen het enige dorp op het eiland vormen.
Tegenwoordig wonen er nog maar een paar vaste bewoners, maar overdag komt het eiland tot leven met dagjesmensen. De boot vanuit Alicante vertrekt meerdere keren per dag en brengt je in ongeveer drie kwartier naar de kleine haven. Daar stap je uit in een andere wereld. Je kunt wandelen langs de ruige kust, zwemmen in het kristalheldere water of verse vis eten op een terras onder een parasol. Het eiland maakt deel uit van een beschermd zeegebied, wat het perfect maakt om te snorkelen. Wie vroeg vertrekt, heeft de grootste kans om een paar uurtjes bijna alleen over het eiland te struinen, met alleen het geluid van de wind en de meeuwen. De ideale dagtrip vanuit Alicante!


#15 Lucentum, de vergeten Romeinse stad
Net buiten het centrum van Alicante, in de wijk Albufereta, liggen de resten van Lucentum. Dit was ooit een bloeiende Romeinse nederzetting en wordt gezien als de wieg van het huidige Alicante. Het is een plek waar je niet toevallig langskomt, maar wie erheen gaat, stapt in een totaal andere tijd. Geen glanzende façades of drukke pleinen, maar een stille vlakte vol eeuwenoude opgravingen met uitzicht op zee.
Je loopt er over oude straten, langs de fundamenten van huizen, een badhuis en resten van het forum. De stad werd gesticht in de derde eeuw voor Christus en kende haar hoogtepunt onder de Romeinen. Nu is het een archeologisch park waar je met wat verbeelding de echo van het verleden hoort. Lucentum is overzichtelijk, informatief en rustig. Geen drukte, geen wachtrijen.