Tsjechië

De ideale treinroute voor Tsjechië: van nachttrein tot sprookjespaleis

Een treinreis door Tsjechië is misschien wel de meest relaxte manier om het land te ontdekken. Je stapt ’s avonds in Nederland in de nachttrein, valt in slaap met het schommelende ritme van de trein en wordt uitgeslapen wakker in hartje Praag. Geen wachtrijen en bagagebeperkingen, maar gewoon instappen en wakker worden op je bestemming.

De treinen in Tsjechië zelf zijn bovendien comfortabel en betaalbaar, en geven je onderweg een leuke inkijk in het Tsjechische landschap. Je reist langs kastelen, bergen, wijngaarden en levendige steden. Voor wie graag duurzaam op pad gaat en meer van het land wil zien dan alleen Praag, is dit echt een no-brainer: weinig gedoe, veel zien.

Ik mocht deze route maken tijdens een persreis op uitnodiging van #VisitCzechia, en beleefde hoe makkelijk en leuk het is om Tsjechië per trein te doorkruisen. In deze blog neem ik je stap voor stap mee langs de route die ik volgde, en geef ik tips voor de leukste dingen om te doen op je route door Tsjechië.

Twee nachttreinen: European Sleeper en Nightjet

Tijdens deze reis nam ik twee nachttreinen, zowel heen als terug. Waar ik tevoren dacht dat alle nachttreinen hetzelfde zijn, leerde ik tijdens mijn treinreis door Tsjechië dat het totaal andere ervaringen kunnen zijn.

De heenweg ging met de European Sleeper, die sinds maart 2024 vanuit Amsterdam en Brussel ook helemaal doorrijdt naar Praag. Eerder stopte deze verbinding in Berlijn, maar nu gaat de trein na een korte stop daar dus verder. De rijtuigen zijn niet nieuw, maar degelijk opgeknapt. Dat voel je ook wel en het is allemaal wat minder modern. Denk aan jaren ’80-treinvibes, maar verder gewoon prima. Je hebt verschillende opties om te reizen, zoals een couchette (dat is een gedeeld ligcompartiment met simpele, opklapbare bedden voor vijf personen) of een meer luxe slaapcoupe voor drie personen.

Ik sliep in de European Sleeper in de gedeelde slaapcoupé met vijf slaapplekken, waarvan er tijdens mijn nachtreis maar twee in gebruik waren. Ik kan me voorstellen dat dit wel ietwat intiem kan zijn met vier andere, vreemde reizigers. Goed om te weten: er zijn speciale women-only coupes. Hoewel het basic is, is het wel gezellig én je kunt gewoon plat liggen, zodat je uitgerust in Praag aankomt. Tickets beginnen bij zo’n €79,99, afhankelijk van het seizoen en hoe vroeg je boekt.

De terugreis deed ik met de Nightjet, vanuit Wenen. Die voelde meteen anders. Alles is wat nieuwer, strakker en net wat comfortabeler. De Nightjet is onderdeel van de Oostenrijkse spoorwegen en staat bekend om z’n moderne nachttreinen. Je hebt ook hier weer keuze: van een simpele zitplek tot een couchette, en zelfs luxe slaapcompartimenten. Zelf sliep ik in een moderne slaappod, wat een beleving op zich was. De prijzen variëren, maar een zitplek boek je vanaf ongeveer €29, een couchette rond de €59, en een privébed vanaf zo’n €109. Sebastiaan bezocht mij in Wenen en boekte een zitplek voor ongeveer €100 retour. Maar als we mijn ervaring van de slaappod en zijn oncomfortabele zitplek combineren, dan kunnen we je echt van harte een slaapplek aanraden.

Waar de European Sleeper een beetje het rauwe randje van een ouderwetse treinreis heeft, is de Nightjet meer gebouwd voor modern comfort. Het heeft allebei zijn charme, al gaat mijn persoonlijke voorkeur uit naar de Nightjet. Beide treinopties zijn ideaal voor wie liever reist dan vliegt, en onderweg nog een beetje wil slapen ook.

Treinreisroute door Tsjechië

De route die ik aflegde tijdens mijn treinreis liep van Praag naar Olomouc, via Brno en het kasteel van Lednice, en uiteindelijk door naar Wenen. Daar stapte ik weer op de nachttrein naar huis. Een afwisselende reis door Tsjechië vol cultuur, historie en vooral heel veel sfeer.

Ik reisde op mijn persreis in een behoorlijk hoog tempo. In een korte periode zag ik vier steden, maakte meerdere treinritten en deed zelfs een dagtrip naar Lednice. Het kan dus allemaal al in korte tijd, maar eerlijk is eerlijk: ik zou het zelf rustiger doen.

Als je deze reis zelf uitstippelt, trek dan liever tien dagen uit. Daarmee heb je genoeg ruimte om wat langer op één plek te blijven, een museum extra mee te pakken, of gewoon eens een middagje rond te dwalen door de mooie historische straten zonder planning. Je komt met de trein makkelijk van stad naar stad, dus je hebt de vrijheid om je route aan te passen.

Hieronder neem ik je stap voor stap mee langs de route die ik reed. Bij elke bestemming vertel ik wat je er kunt doen, hoeveel tijd je nodig hebt, en geef ik tips.

#1 Praag: historische pracht in een compacte stad

De meeste mensen beginnen hun reis door Tsjechië in Praag, en zelf ben ik ook gek op de Tsjechische hoofdstad. Je komt hier aan op het centraal station, dat midden in de stad ligt. Binnen een paar minuten sta je tussen de torens, pleinen en middeleeuwse straatjes.

Ik had de Prague Visitor Pass, waarmee je toegang krijgt tot tientallen bezienswaardigheden in Praag en vrij kunt reizen met het openbaar vervoer. Ideaal als je net als ik in korte tijd veel wilt zien. Ik bezocht onder andere de torens van de Karelsbrug, de Praagse Burcht, het historische stadspaleis Clam-Gallas en een paar uitzichtpunten. Ik maakte nog een wandeling langs de openbare kunstinstallaties van de beroemde kunstenaar David Cerny, wat ook echt een aanrader is. Alles ligt redelijk dicht bij elkaar, dus je kunt makkelijk een volle dag rondlopen zonder het idee te hebben dat je aan het racen bent. Voor de langere afstanden kun je bovendien een van de vele trams nemen. De historische tram is natuurlijk het leukste (en ook inbegrepen in de Pass!).

Zelf bleef ik slechts één nacht in Praag, maar ik zou zeker twee nachten en liever drie nachten aanraden. Afhankelijk van of je al vaker in Praag bent geweest, heb je minstens één maar eigenlijk twee volle dagen nodig voor de bekende highlights. Reken daarnaast op nog een dag om wat rond te dwalen, minder bekende bezienswaardigheden te verkennen of een museum mee te pakken.

Leestip: wist je dat de nieuwste thriller van Dan Brown zich afspeelt in Praag? De stad had zich geen betere promotie kunnen wensen, want je wordt opslag verliefd van zijn beeldende omschrijvingen.

#2 Olomouc: monumentale studentenstad

De volgende stop op deze reisroute is Olomouc, een stad in het oosten van Tsjechië. Het is een relatief onbekende bestemming, maar absoluut een bezoek waard. Het centrum staat vol monumenten en kerken, en er is bijzonder veel te bezoeken. Bovendien hangt er een heel ontspannen, jonge sfeer, omdat het een grote universiteitsstad is.

Leestip: wat te doen in Olomouc

Wat deze stad bijzonder maakt, is die mix van historie en jonge energie. Je vindt er barokke fonteinen, kerktorens en een astronomische klok, maar ook hippe koffiebars, galerieën en kleine boetiekjes. Zo lunchte ik bij het hippe Telegraph, waar je verrassend goed eet in een leuke setting én beneden een galerie met hedendaagse kunst treft.

Maar ik bezocht ook klassiekere bezienswaardigheden van Olomouc, zoals het museum naast de kathedraal waar je klassieke meesterwerken en een gouden koets bekijkt en het aartsbisschoppelijk paleis. Een hoogtepunt van Olomouc is zeker ook Villa Primavesi, een schitterende jugendstil-villa met originele meubels, kunst en glas-in-lood. Je kunt de historische villa met rondleidingen bezoeken.

In Olomouc moet je minstens één nacht blijven. De stad is vrij compact en je kunt hier in korte tijd veel zien. Voor een meer ontspannen reistempo zou ik twee nachten aanraden. Je hebt dan genoeg tijd om over de pleinen te slenteren, de belangrijkste gebouwen te bekijken, en ’s avonds ergens aan te schuiven voor een lokaal biertje. Zoek je nog een goede plek voor een echt goed diner? Ga dan naar Long Story Short, waar je naast een hip boetiekhostel een echt goed restaurant vindt.

#3 Brno: levendige stad vol sfeer en verrassingen

Brno is de tweede stad van Tsjechië en echt zo’n plek waar je snel aan verknocht raakt. Het is minder toeristisch dan Praag, maar minstens zo gezellig. Er hangt een levendige sfeer, vooral in het weekend. Ik was er al eens eerder in de zomer en vond het toen al heerlijk, maar ook nu in september was het weer raak. Terrassen vol, overal mensen op straat en een fijne mix van locals en bezoekers.

Leestip: wat te doen in Brno

Bekende bezienswaardigheden zijn natuurlijk de kathedraal van Sint-Pieter en Paulus, het historische Špilberk-kasteel met prachtige uitzichten, de groentemarkt Zelný trh, de 10-Z Bunker uit de koude oorlog en de markante astronomische klok op het Vrijheidsplein. Die klok laat elke dag om precies elf uur een glazen knikker los en dan staan locals en bezoekers klaar om die te vangen.

Voor mij was een letterlijk hoogtepunt de beklimming van de kerk van Sint-Jakob, gelegen naast een ondergrondse bottenkelder. Sinds 2024 kun je onder het dak lopen, tussen de houten dakspanten door. Je komt langs de kerkklok en eindigt bovenin de toren met uitzicht over de stad. Echt een bijzondere ervaring, en niet iets wat je snel ergens anders meemaakt. Een andere attractie die relatief recent is geopend, zijn de ondergrondse waterreservoirs net buiten het centrum. Deze ondergrondse kathedralen zijn ontzettend fotogeniek en bijzonder. Tickets zijn niet goedkoop, maar als je de uitgebreide Brno Pass neemt, zit deze toegang daarbij.

Als je iets hebt met architectuur, dan móet je in Brno naar Villa Tugendhat. Deze modernistische villa uit 1928-1930 is ontworpen door Ludwig Mies van der Rohe en staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst. Je kunt er alleen een kijkje nemen met een rondleiding, en die moet je echt maanden van tevoren reserveren. Maar het is het waard: het gebouw is strak, licht, innovatief en zó vooruitstrevend voor die tijd. Ben je te laat met reserveren? Geen ramp. In dezelfde tuin liggen nog twee andere villa’s, Villa Löw-Beer en Arnold Villa, in weer een heel andere bouwstijl.

Ik bleef twee nachten in Brno, inclusief dagtrip, en ik zou je zeker aanraden om voor twee of liefst drie nachten te boeken. Je hebt dan genoeg tijd om de stad te verkennen en ook nog een uitstapje te maken naar de omgeving, zoals Lednice.

#4 Dagtrip Lednice: sprookjeskasteel en wijnproeverij

Vanuit Brno stapte ik op de trein naar Lednice, een klein dorp dat vooral bekend is door het enorme neogotische Lednice-kasteel. In een uur reis je met trein en bus door het Moravische landschap naar deze UNESCO-parel tegen de Oostenrijkse grens. Rondom het kasteel liggen uitgestrekte tuinen, vijvers, bruggetjes en kleine romantische gebouwtjes. Het is een plek waar je makkelijk een halve dag kunt rondwandelen.

Het kasteel zelf kun je van binnen bekijken met een rondleiding. Alles is ingericht in stijl: houten plafonds, grote kroonluchters, en veel decoratie. Buiten is het minstens zo indrukwekkend. Je kunt wandelen langs het water, een minaret beklimmen, of gewoon rondstruinen door het park. Een must-visit zijn ook zeker de bijzondere, historische kassen. Lednice maakt deel uit van het Lednice-Valtice Cultureel Landschap, een gebied dat op de UNESCO-lijst staat. Als je meer tijd hebt, kun je ook naar Valtice, een dorpje vlakbij waar je wijnkelders én het Valtice-kasteel kunt bezoeken.

Op zoek naar een lunchspot? Ga naar de lokale pivovar (bierbrouwerij), waar je naast de biervaten kunt lunchen. Wij deden ook een heerlijke en ontzettend sfeervolle wijnproeverij met wijnen van Knoll, een lokale wijnmaker, op een heel bijzondere ondergrondse locatie. De proeverij maakte het dagje uit vanuit Brno helemaal compleet en is een must-do in Lednice.

Voor mij was dit een dagtrip vanuit Brno, maar als je van wandelen en kastelen houdt, kun je hier makkelijk ook een nachtje blijven.

#5 Wenen: monumentale stedentrip voor de terugreis

De laatste stop van deze treinreis is Wenen. Technisch gezien hoort deze bestemming natuurlijk niet bij Tsjechië, mar vanuit Brno ben je er met de trein sneller dan terug naar Praag. Vanaf Wenen kun je bovendien met de Nightjet weer terug, wat het een logische afsluiter van deze treinroute maakt.

Ik verkende twee dagen lang de stad en dat was precies goed. Het was niet mijn eerste bezoek aan de stad, dus ik sloeg de grote highlights dit keer over. Geen Stephansdom of reuzenrad voor mij, maar juist wat kleinere uitstapjes, een bezoek aan het iconische Belvedere-paleis en rustige wandelingen door bekende en onbekende wijken.

Dat gezegd hebbende: als je voor het eerst in Wenen bent, dan mag je de klassiekers natuurlijk niet overslaan. De Hofburg, het voormalige keizerlijke paleis midden in de stad met de kamers van de iconische keizerin Sissi, blijft indrukwekkend. Ook het Hundertwasserhaus is een aanrader, al is het maar om te zien hoe kleurrijk en eigenwijs historische architectuur kan zijn. Wat ik ook altijd aanraad is een bezoek aan de Kapuzinergruft, de keizerlijke crypte onder een kerk vlak bij de binnenstad. Daar liggen de Habsburgers begraven, inclusief Sissi en Franz Josef, in monumentale grafkisten die minstens zo indrukwekkend zijn als de paleizen erboven.

Langs de Ringstraße rondom het oude centrum vind je de mooiste gebouwen van de stad, van opera tot parlement. Je kunt de hele straat rondwandelen, maar ik raad je aan om de (heel goedkope) openbare fietsen van Wenen te gebruiken zoals wij deden.

En als je wat meer tijd hebt, kun je net buiten het centrum naar Schönbrunn, het beroemde zomerpaleis van keizerin Elisabeth. De tuinen zijn gigantisch, het uitzicht vanaf de Gloriette is prachtig en binnen kijk je je ogen uit. Nog een extra uitstapje? Dan is het leuk om een dagtrip te maken naar Bratislava in Slowakije.

Ik maakte deze treinreis op uitnodiging van #VisitCzechia in samenwerking met Prague City Tourism, Olomouc Tourism, Centraal-Moravië, Brno Tourism en Zuid-Moravië.