Op zoek naar een mooie dagwandeling in Los Picos de Europa? Ga voor de hike vanaf de kabelbaan in Fuente Dé! Het Nationaal Park Los Picos de Europa heeft misschien niet de hoogste bergen van Europa, maar is zonder twijfel een van de mooiste berggebieden van ons continent. Het ligt in het noordwesten van Spanje op maar 20 kilometer vanaf de Spaanse noordkust en in de regio’s Asturië, Cantabrië en León. De makkelijkste manier om naar de hoogste bergtoppen te gaan, is met de kabelbaan bij Fuente Dé. En koop dan geen retourticket, maar een enkeltje om vervolgens de mooiste daghike in Los Picos te maken!
→ Ontdek de leukste dingen om te doen in Los Picos de Europa




Waarom is deze hike in Los Picos een aanrader?
Wil je een lange hike die in één dag te doen is, wil je de hoogste bergtoppen zien én heb je weinig zin in honderden meters omhoog klimmen? Dan is de wandeling vanaf Fuente Dé de beste keuze. De kabelbaan brengt je in een paar minuten naar boven, waardoor je meteen tussen de toppen staat. Daarna wandel je door steeds wisselend landschap naar beneden. In één dagwandeling zie je zo al het mooiste van Los Picos de Europa: de hoogste toppen, het groene dal en alles daartussen.




Bergafwaarts hiken vanaf de kabelbaan bij Fuente Dé
Een van de hoogtepunten van Los Picos de Europa is de kabelbaan bij Fuente Dé. In nog geen vier minuten brengt de gondel je met een twintigtal mensen tegelijk ruim 750 meter hoger. Je stapt uit op ruim 1.800 meter, en dat uitzicht spreekt voor zich.
Wij deden deze hike eigenlijk per ongeluk. Het was onze eerste lange reis met een baby, en al onze aandacht was in de maanden ervoor naar het bouwen van ons campertje gegaan. Veel research hadden we dus niet gedaan. Maar overal zagen we deze hike getipt: met de kabelbaan omhoog en dan naar beneden wandelen. Dat klonk leuk en laagdrempelig.
Dat er in november sneeuw zou liggen, hadden we niet zien aankomen. Gelukkig lazen we het nog net op tijd en trokken we onze warmste kleren aan. Boven liepen we tussen besneeuwde bergtoppen en vaak tot onze enkels in de sneeuw. Van de drukte rond de kabelbaan merkten we in die tijd van het jaar trouwens niets. Een bijzondere plek voor de eerste sneeuwervaring van onze baby! Onze dochter lag lekker in de draagzak bij papa Sebastiaan en had nergens last van. Haar eten en drinken had ze bij mama toch altijd bij de hand.
Vanaf daar wandel je vooral bergafwaarts, terug naar het startpunt Fuente Dé. Dat klinkt makkelijk, maar onderschat het niet. Je klimt bijna niet, maar je legt wel ongeveer 16 kilometer af. Wij verwachtten op basis van deze omschrijving een korte afdaling van nog geen uur. Prima te doen met een baby van zeven maanden in de draagzak, dachten we. Eten? Niet nodig, en een klein flesje water leek ons ook wel genoeg. Oeps. Pas na 2,5 uur drong het tot ons door dat dit geen korte, makkelijke wandeling was. Reken op 4 tot 5 uur en neem genoeg mee.

Onderweg naar beneden verandert het landschap steeds. Eerst besneeuwde toppen en kale rotsen, dan uitgestrekte groene weiden met koeien en luidruchtige bellen, en tot slot beboste heuvels.
De weg wordt al vrij snel wat breder. De eerste bebouwing die je tegenkomt is Chalet Real en vlak daarna ligt Refugio de Áliva. Auto’s met 4WD mogen helemaal naar boven tot aan de Refugio, voor bevoorrading en om hotelgasten te brengen. In de zomer kun je hier als wandelaar ook iets drinken, maar tijdens ons bezoek in de herfst was de Refugio gesloten.
Toch was het een geweldige dag. Die besneeuwde toppen tegen een strakblauwe lucht, en ons eerste kindje als baby in de draagzak: achteraf een onvergetelijke herinnering, en foto’s waar we nog vaak met plezier naar kijken. Twee jaar later waren we trouwens terug in Picos de Europa, toen zelfs een hele week. Daar schreven we nog veel meer tips over.
→ Ontdek hoe je de Covadonga-meren in Picos de Europa bezoekt
→ Ontdek onze roadtrip door Noord-Spanje van 2 tot 3 weken




Praktische informatie
Hoe loopt de route?
Verdwalen is lastig. Officieel heet deze wandeling PR-PNPE 24 Puertos de Áliva. Vanaf de kabelbaan en het uitzichtpunt loopt een duidelijke weg de bergen in. Je komt een paar splitsingen en aftakkingen tegen, maar steeds staat duidelijk aangegeven welke kant je op moet voor Fuente Dé (of het naburige Espinama). Let wel op bij de poort van het nationaal park. Tot daar staan beide plaatsen op hetzelfde bordje, maar hier splitst het pad. Volg vanaf dit punt Fuente Dé en niet meer Espinama.
Hoe lang duurt de hike?
Reken op 4 tot 5 uur. Je legt ongeveer 16 kilometer af, bijna helemaal bergafwaarts. Dat scheelt klimmen, maar aan het eind voel je je benen echt wel. Neem dus genoeg eten en drinken mee, en geen klein flesje water zoals wij.
Waar vind je de gpx-route?
Telefoonbereik heb je bovenin de bergen niet, dus je doet er goed aan om vooraf de route op je telefoon te zetten, als je die wilt kunnen bekijken tijdens de hike. De exacte gpx-route vind je op onze kaart hieronder.
Hoe koop je tickets voor de kabelbaan?
In het hoogseizoen kan het bij de kabelbaan flink druk zijn, maar daar merkten wij in het najaar niets van. Aan de voet van de kabelbaan en iets verderop parkeer je gratis. Koop een enkele reis omhoog, je loopt immers terug. Kaartjes koop je ter plekke of vooraf online, en voor kinderen tot en met vijf jaar is de kabelbaan gratis. In de zomer kunnen de wachttijden flink oplopen. Je hoeft dan niet de hele tijd in de rij te staan: je krijgt een nummer en kunt intussen iets anders doen.
Tip: boven bij het bergstation zit café-restaurant El Cable. Ben je net als wij vergeten eten mee te nemen? Dan is dit je laatste kans.
Waar overnacht je in Fuente Dé?
Wil je ’s ochtends als allereerste met de kabelbaan omhoog? Of na een lange hike neerploffen op een fijn bed? Dat kan gewoon in Fuente Dé zelf. Er is een camping, en aan de voet van de kabelbaan ligt de Parador de Fuente Dé, met de bergwand zo ongeveer in je achtertuin.
Wanneer kun je de hike het best doen?
Elk seizoen heeft wat. In de zomer is het weer het aangenaamst, maar dan is het ook het drukst. We hoorden verhalen van mensen die drie uur moesten wachten op de gondel naar boven, en daarna nog eens twee uur om weer naar beneden te kunnen. In het najaar heb je daar geen last van, wel van sneeuw en ijs op de paden. Trek dus stevige wandelschoenen aan en kleed je warm, al krijg je het door het lopen al snel warm genoeg.
Bewaar deze blog op Pinterest om later te herlezen:

